dinsdag 31 december 2013


zo weer voorbij
 
tijd trekt en zuigt
storm in de zandloper
alsof je in een mui
dreigt te verdrinken
wees wijs dein mee
het is zo weer voorbij

© 2011 Giselle Ecury (57 jaar – waar blijft de tijd)



Mijn oma en opa van moeders kant.
Opa heb ik nooit gekend. Zijn leven was voorbij in 1952,
pas daarna kwam ik...

Meer lezen over Vadertje Tijd? Zie: www.damespraatjes.nl

Oudejaarsavond

Eigenlijk heb ik er niets mee. Of misschien heb ik er hooguit een liefde-haatverhouding mee. Dat komt omdat ik toch wel houd van ijkpunten of peilmomenten, alleen bepaal ik graag zelf, wanneer ik ze wil vieren.

Zo ging er een knop bij me om toen mijn vijftigste levensjaar inging. Gedurende 12 maanden deed ik dingen die ik altijd al had willen doen, zoals zwemmen met dolfijnen en het brengen van een bezoek aan mijn vroegere Zweedse etagegenote, met wie ik vanaf mijn 22e bevriend was en dat bleef toen ze terugging naar Zweden. We correspondeerden uitgebreid, zagen elkaar, zij het sporadisch, tot 1997 en telefoneerden soms. Tot ze opeens de wat ouder wordende, doch strakgetrainde kont tegen de krib gooide en aan een tweede jeugd begon, compleet met een totaal onverwachte echtscheiding en een nieuw huwelijk met een wilde motorrijder in zwart leer. Maar dat hele jaar is destijds toch mooi voorgoed gemarkeerd door dat bezoek en al die leuke bezigheden en kreeg van mij een goud rand. Kijk ik bijvoorbeeld naar de foto’s van Giselle met die dolfijnen, dan springt het kind in me telkens opnieuw van pure blijdschap op.

En dan zo’n jaarwisseling – eigenlijk is het niets bijzonders. Het hoort bij het verglijden van de tijd sinds we die zijn gaan verdelen in maanden, weken, dagen, uren en sinds we zijn gaan leven volgens afspraken in propvolle agenda’s en het voorttikken van de klok. Het is in feite niet anders, dan wanneer een etmaal  overgaat in weer een nieuwe dag, of april in mei en augustus in september.

Wanneer je je daar bewust van bent, vier je vaker in een jaar zo’n tijdswisseling. Of liever: het alledaagse. Liefst met dierbaren, in voorjaar en zomer buiten, of vanuit een picknickmand aan zee. Of gewoon binnen, aan een feestelijk gedekte tafel. Bij ons is het heel vaak kerstmis, we maken zelden op te lange termijn afspraken en leven in het nu. Er is geen heilig moeten of stress, behalve als er een tekst afmoet J Er is vooral rust als straks 2013 2014 wordt. Met – vooruit, tóch dat gevoel, dat we al een aardig tijdje meelopen. Dat we al behoorlijk op dreef zijn in deze 21e eeuw. Dat zich – terugblikkend – bij velen om ons heen verdrietige dingen voordeden, maar gelukkig ook mooie. Dat het hoe dan ook waardevol is lief en leed met velen te mogen delen. Ze brengen saamhorigheid en verbinden voor het leven. Stel dat je daarvan zou worden buitengesloten… Dan bevriest er iets dat niet vanzelf kan ontdooien en rijst de vraag wie er eigenlijk in de kou staat: degenen die een ander buitensluiten of jij?   

Zo mogen we zelf wéér dankbaar de handen dichtknijpen om al het goede dat dag na dag passeerde en al de oprechte warmte om ons heen. Of het nu de deken was die ons geboden werd, of dat ene zonnestraaltje dat soms zomaar en passant op ons gericht werd. Stuk voor stuk peilmomenten die mogen blijven voortduren.
Dáárop heffen wij het glas. Alle goeds toegewenst voor een rijk en vervuld 2014!





                                                                         

maandag 30 december 2013


Let’s  spend the night together…

Onderweg naar Didam – een leuk dorp in het Oosten des lands. Nog 130 km te gaan. Het is vroeg en schemerdonker. Ik ben niet matineus, we zwijgen. Maar de Top 2000 staat op en regelmatig galmen we mee.

Ondertussen denk ik aan de recensie van mijn roman De rode appel, die in de maak is voor het Antilliaans Dagblad. Jeroen Heuvel, Neerlandicus, heeft me gevraagd om nog wat extra informatie. Het boek is dus ook door mij weer aandachtig ingezien, het verhaal over Elisabeth die zich eind jaren ’60, begin jaren ’70 seksueel ontwikkelt.

Op dat moment galmen The Rolling Stones “Let’s spend the Night together”. Een hit uit – wat zal ‘t geweest zijn: 1967? De tekst sluit mooi aan bij mijn gedachten. Jongere generaties aanhoren deze liedjes zonder te beseffen hoe baanbrekend deze woorden waren in de jaren van herkomst. Want de nacht doorbrengen met een jongen? Zoiets dééd je gewoon niet. Het was ongehoord. Ik ben ooit eens spontoon bij een vriendje op schoot gaan zitten, terwijl we theedronken in het bijzijn van zijn moeder. Als blikken konden doden, had ik het hier nu niet na kunnen vertellen. Anno eind 2013 is dit onvoorstelbaar.

In dat opzicht zijn die oude liedjes zeer interessant om eens kritisch te beluisteren. En geloof me: wat een leuke, ontspannen tijd was het om in op te groeien. Want alleen al als ik de videoclips zie op de muziek van Rihanna en Miley Cyrus vraag ik me eerlijk gezegd af waar dit voor staat? Zijn hun songs zo waardeloos, dat de muziekindustrie er wat softporno omheen moet etaleren? Vreselijk om via dit soort beelden te worden neergezet als jonge vrouw of meisje. Verleidelijk? Het leidt slechts ernstig af, meer niet.

Nee. Hoewel destijds best vooruitstrevend, dan toch liever de lading van het “Let’s spend the Night together” van the Stones. En hoe actueel is opeens die vervolgzin: Now I need you more then ever… Want een beetje terughoudendheid hebben we wel nodig, vind ik.

 
Detail van de afbeelding op De rode appel.
"Gebroken rood" door AKriel
 
Een interview over achtergronden van De rode appel zijn te lezen via

zondag 22 december 2013


De maan is rond…

…maar ze heeft allang niet meer twee ogen, een neus en een mond. En de – meestal barse – uitspraak: “Ach, loop naar de maan” voor iemand die je minder gezellig vindt, is allang op een vrij spectaculaire manier bewaarheid geworden voor mensen die maar wat graag deze opdracht uitvoerden. Er is zelfs echt óp de maan gelopen. Sinds decennia is er onderzoek gedaan naar deze natuurlijke satelliet van de aarde, ook wel Luna genaamd. Zij is anno 2013 nauwkeurig in beeld gebracht. In een van onze nationale dagbladen staat een gedetailleerde foto van de maan, voorzien van vierkantjes met informatie. Ik citeer dit uit één zo’n vierkantje:

Beschermer. Het leven op aarde danken we misschien wel aan de maan. Zij trekt niet alleen aan de atmosfeer en de watermassa’s (getijden!), maar ook aan de vloeibare nikkel-ijzerkern van de draaiende aarde. Daardoor ontstaat een krachtig magnetisch veld dat ons beschermt tegen schadelijke stralingen uit de ruimte.

En dan te bedenken dat er met regelmaat van alles de ruimte ingestuurd wordt ten behoeve van een keur aan onderzoeken, waar u en ik eigenlijk niets mee opschieten. Je maakt mij niet wijs, dat het totaal geen kwaad kan. Je moet er niet bij stilstaan, dat er met die maan of binnen de dampkring iets gebeurt. Zijn wij mooi klaar mee. Het enige dat ons dan rest is wellicht naar de maan te lopen. Ogen, neus en mond dicht en adem in houden. Lijkt me het minst pijnlijk.

Voorlopig dan maar vooral kijken naar de schoonheid van Luna. Is zij vol, dan houdt ze me sowieso uit mijn slaap. Zie je: ze stuurt niet alleen het getij aan, maar mij ook. Vandaar deze overweging. Je bent wakker, of je bent het niet.

vrijdag 20 december 2013


onder vrienden
een jaar is zomaar weer voorbij gegaan
we laveerden tussen dag en week en maand
en wanneer de wind ons tegenzat
legden we in gedachten aan
rustten uit op elkaars schouder
zeilden - jaren ouder - 
op het getij van gisteren
naar de haast van vandaag
een jaar is weer ten volle uitgebuit
en toch heb ik geen tijd gehad
voor een goed gesprek
een samenzijn
wat glazen wijn
in een warm vertrek
ontmoeting in de stad
 
een jaar, opeens zomaar verstreken
en denk nu niet dat ik je ben vergeten
je angst, je pijn, de tegenzin,
je vreugde en verdriet
al zie of hoor je mij dan niet
je woont, bepakt, toch bij me in
hier mag je je bagage stallen
tegen het behang op gaan
en als je moe bent van het vallen
help ik je weer op te staan

 
Uit: Terug die tijd, Poëzie, 2005
Uitgeverij Conserve, nu beheerd door Uitgeverij In de Knipscheer

Copyright 2004 © Giselle Ecury
Citeren mag, maar dan wel graag met mijn naam erbij :-)
 
 

 
 
 
Uitgeteld

Het leek me nuttig mijn stappen te tellen. Je gaat een soort wedstrijdje met jezelf aan: morgen wil ik de zoveel kilometer halen. Manlief toverde zomaar een stappenteller uit zijn bureaula en hup, in de benen en tellen maar. Alles voor een sterker beenderengestel.

Nu blijkt na enkele dagen dat ik niet geschikt ben voor teveel apparatuur. Ik weet het, het is een supersimpel dingetje, maar ik heb er meteen ruzie mee. Volgens mij verbrand ik meer calorieën door de ergernis, dan door het pittige rondwandelen. Het irriteert me bijvoorbeeld mateloos, dat het cijfer spontaan op nul springt als ik alleen al mijn jas achteloos dicht doe, terwijl het me niet lukt het toestel te re-setten. Wat ik ook indruk: géén nul. Zelfs na het bij herhaling indrukken van alle knopjes flikkert nog steeds de stand van de dag tevoren op.  

Goed, laten we dat dan zien als de boodschap die me is bijgebracht deze afgelopen dagen: flikker op met dat ding. Stampvoeten doe ik nooit. Het schijnt wel te helpen je botten steviger te maken. Zou dat het zijn?

Te laat. Ik pas. Ik ben uitgeteld.



Meer lezen? Zie www.damespraatjes.nl

woensdag 18 december 2013


Profiteren


Sommige mensen zijn daar goed in: in het profiteren van een ander. Door werkelijke schade en in haar ogen ook nog schande wijs geworden, maakte mijn moeder mij al vroeg bekend met het fenomeen. “Mensen helpen is belangrijk,” zei ze, “Maar pas er goed op wíé je helpt.” Loyaal als ze was, noemde ze wat voorbeeldjes van haar ervaringen met mensen die ik nauwelijks kende of die mij weinig zeiden. Daarmee was de kous voor haar af en voor mij een tweede les te goed geleerd: loyaliteit. En naarmate ik erover nadacht, groeide mijn bewondering voor haar. Want getuigde zij niet dikwijls van een immense vergevensgezindheid? Een mooi derde leermoment.

Die eerste les ging me daarentegen niet best af. Raar: hoe komt het toch, dat vrijwel iedereen eigenlijk gewoon zélf het wiel wil of moet uitvinden? Of was ik tegen beter weten in te loyaal naar de foute mensen? Zodanig, dat ik het er tot op heden lang moeilijk mee heb hen los te laten? Eeuwig mild na een eerste felle reactie. Zoekend naar enkele voor hen verzachtende omstandigheden. Ervan uitgaand dat bijvoorbeeld  iedereen het erg druk heeft zonder waardeoordeel te vellen over die bezigheden. Me ervan bewust dat niet iedereen hetzelfde is. Schouderophalend. De humor ervan inziend: “Sommige meisjes :-) leren het nooit.” Vergevingsgezind.